
Geschreven door De schrijfster (pseudoniem)
Mijn woning is geweldig. Gered van de sloop jaren geleden toen ik er nog niet woonde. Gevestigd in een oud volksbuurtje in Huizen. Grappig weetje: er is geen voordeur. Mijn woning is klein, maar fijn, heeft een schoorsteen en goed werkend rookkanaal. Maar helaas woon ik in een huurwoning van een bepaalde woningcorporatie…
Duurzaamheid?
Een hype of een trend? Dictatuur of democratie? De betutteling in Nederland is een feit. Duurzaamheid is een marketing-manipulatie-woord geworden, zonder inhoud. Let maar eens op wat je via de msm leest, hoort en ziet; het woord duurzaam zit er bijna altijd in verpakt. En niet alleen in de media, ook bedrijven, organisaties, allemaal maken ze er gretig gebruik misbruik van. Zo ook de woningcorporatie die ‘mijn’ woning in bezit heeft. En zodoende heb ik, gedwongen mee moeten werken aan hun ‘verduurzamingsplan’, maar noem het gerust het ‘vernietigingsplan voor de natuur, je woongerief en het recht op zelfbeschikking’.
Mooie woorden vs. Milieudelicten
Slogans als ‘duurzame oplossingen die generaties meegaan’ (compleet met beeld van lachende baby) klinken mooi en spreken -bij het deel van de bevolking dat onder hypnose staat van de overheid-, ongetwijfeld tot de verbeelding, maar de praktijk laat iets anders zien. De door de woningcorporatie ingehuurde ‘duurzame’ bedrijven maken veelal gebruik van schadelijke materialen die bij de verwerking tijdens de renovatiewerkzaamheden in de natuur, het grondwater en daardoor in onze directe leefomgeving terechtkomen (bijvoorbeeld in je tuin of het fijne bos in de buurt waar je de hond uitlaat).
Een goed voorbeeld daarvan zijn de isoparels. Dit zijn kleine bolletjes piepschuim die nu -vanwege het aan bewoners opgedrongen verduurzamingsplan- her en der in de spouwmuren van onze woningen zitten, tezamen met waarschijnlijk meerdere vleermuizen-lijkjes en koudebruggen. Een ander groot deel ligt buiten verspreid en is kilometers ver weg gewaaid, in tuinen, bermen, parken en bossen. Maar dit boeit de woningcorporatie, de gemeente en ‘the boys van de duurzame oplossingen die generaties meegaan’ helemaal niks. Laatstgenoemden zeggen doodleuk: ‘Ohww dat waait wel weg hoor…’
En hoewel al het bovenstaande meerdere aanklachten waard is (als ik zelf advocaat zou zijn, dan zou ik ze helemaal gek procederen), gaat mijn rechtszaak tegen deze woningcorporatie over iets anders.